In 1907 opende Maria Kunert haar eerste beenmode fabriek in Warnsdorf. In de jaren 20 voegden ook haar man Julius Kunert Senior, en later haar twee zoons, Heinrich en Julius Jr., zich bij het bedrijf. Na de Tweede Wereldoorlog onderging de modewereld een soort liberale revolutie. De benen mochten ineens gezien worden, wat zorgde voor een enorme toename in de vraag naar elegante beenmode.

 

In 1924 schafte Kunert een aantal van de pas uitgevonden katoenmachines aan. Hierdoor kon de productie worden opgeschroefd naar 300 paar sokken per dag. Datzelfde jaar begon het merk haar naam op de verpakkingen van haar producten te zetten, zodat tevreden klanten verzekerd waren dat zij het juiste merk kozen wanneer zij nieuwe sokken kochten.

 

In 1930 begon Julius Jr., die business had gestudeerd, met de export naar het buitenland. Met succes; Kunerts ‘Elites’ werden de best verkopende kousen in Europa. Kunert werd de grootste beenmode fabrikant van Europa, met inmiddels meer dan 5000 werknemers in dienst.

 

Na de Tweede Wereldoorlog was de familie Kunert gedwongen om hun huis te verlaten en vluchtten zij naar het westen. Julius Jr. was vastbesloten om het bedrijf opnieuw op te bouwen en vestigde zich in Immenstadt. Met een aantal voormalige werknemers en een paar simpele machines begonnen ze met het produceren van damesondergoed. Langzaamaan konden ze ook hun oude lijnen weer in productie nemen.

 

Rond 1950 werd de Mariana uitgebracht, de eerste kousen uit Immenstadt die onder de naam Kunert werden verkocht. De trend van nylon kousen kwam net opzetten, dus het was een geweldige timing. Kunert beleefde een economisch wonder en had aan het einde van de jaren 50 alweer 1300 man in dienst, die goed waren voor een productie van 240.000 paar kousen per week.

 

Kunert is nog altijd ’s werelds premium merk op het gebied van beenmode, en weet ruim een eeuw na de oprichting nog altijd haar reputatie hoog te houden.